Werkafspraken helpen letselschadeslachtoffer snel aan juiste voorzieningen

Om hun leven na een ongeval voort te kunnen zetten, kan een letselschadeslachtoffer bijvoorbeeld hulp in huis nodig hebben, of een aangepast huis. Dat kan geregeld worden via een vergoeding van de aansprakelijkheidsverzekeraar of via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Om het slachtoffer adequaat te helpen, heeft het Verbond samen met de vereniging van Advocaten voor Slachtoffers van Personenschade (ASP) afgesproken om in overleg met het slachtoffer te bepalen wat de meest optimale en efficiënte oplossing is.

De afspraken zijn erop gericht het slachtoffer snel en adequaat te helpen aan de juiste en doorlopende voorzieningen, ook na afwikkeling van een ongeval. Een gericht hulpaanbod van de deskundige in de begeleiding en advies ontzorgt het slachtoffer. De betrokken verzekeraar en gemeente kijken vervolgens onderling wie verantwoordelijk is voor de kosten. Dat versnelt het afhandelingsproces en het slachtoffer weet waar het aan toe is.

De pilot werkafspraken tussen het Verbond en de ASP zijn op intekenbasis en worden na een jaar geëvalueerd. Binnenkort worden verzekeraars geïnformeerd vanaf wanneer en waar zij kunnen intekenen om mee te doen aan de afspraken.

Bron: riskenbusiness.nl

Ministerie VWS: Per 1 januari 2023 verbod op lachgas

Het lachgasverbod wordt van kracht per 1 januari 2023. Vanaf die datum staat lachgas op lijst II van de Opiumwet, wat betekent dat het dan onder andere verboden wordt om lachgas binnen of buiten het grondgebied van Nederland te brengen, te verkopen of te hebben. Het doel van het verbod is om recreatief gebruik terug te dringen en het aanbod te beperken. Het professioneel gebruik van lachgas voor medische en technische doeleinden blijft wel toegestaan, net als het gebruik van lachgas als toevoeging aan voedingsmiddelen.

Staatssecretaris Van Ooijen (VWS): “Het recreatief gebruik van lachgas leidt tot enorme gezondheidsrisico’s. Daarnaast is de veiligheid van ook niet-gebruikers in het geding. We hebben al vaak genoeg berichten in het nieuws gezien dat er vreselijke ongelukken zijn gebeurd door weggebruikers die lachgas gebruikten. De laatste jaren is er dan ook vanuit de samenleving een oproep geweest om recreatief gebruik van lachgas te verbieden. Ik ben blij dat we dit verbod vanaf 1 januari 2023 in werking kunnen laten treden.”

Minister Yeşilgöz-Zegerius (JenV): “Het lachgasverbod helpt de politie enorm in de handhaving. Met het verbod wordt het lachgas bij je hebben – het bezit – op zich zelf al strafbaar. Hierdoor kan de politie eerder optreden. Nu is dat pas mogelijk op het moment dat iemand lachgas gebruikt en zorgt voor overlast of gevaarlijke situaties in het verkeer. Met het verbod kan de politie straks direct in actie komen als iemand niet-beroepsmatig lachgas in zijn bezit heeft en ballonnen met gasflessen in de auto heeft liggen. Zo kunnen we hopelijk ongelukken voorkomen.”

Grote risico’s
In juli verzocht de Raad van State om meer toelichting waarom een combinatie van minder ingrijpende maatregelen, zoals preventie, voorlichting en monitoring, op dit moment niet genoeg is om het gebruik en aanbod van lachgas te beperken. Lachgas blijft voor professionele doeleinden namelijk mogelijk om te gebruiken. De Raad van State vroeg zich af of het onderscheid duidelijk genoeg is en adviseert dit apart in een regeling bij wet meer af te bakenen. Dat betekent een nieuwe wetgevingsprocedure en zal veel tijd in beslag nemen.

Vanwege de grote risico’s van lachgasgebruik en de noodzaak van het verbod, acht het kabinet het juist belangrijk om het lachgasverbod zo snel mogelijk in werking te laten treden. Ook is het kabinet van mening dat duidelijk is omschreven in welke gevallen gebruik van lachgas wel toegestaan is en in welke gevallen niet.

Legale toepassingen
De oorspronkelijke toepassingen van lachgas, zoals medisch lachgas, lachgas bestemd voor technische doeleinden en bestemd als voedingsadditief, blijven toegestaan en zijn dus uitgezonderd van het verbod. Wel verandert er voor deze gebruikers het een en ander, omdat de inkoop, verkoop, bezit en het ter handstellen van lachgas in gasflessen aan particulieren per 1 januari 2023 verboden is.

Voor de medische en technische sector moeten fabrikanten en groothandelaren van lachgas een opiumontheffing aanvragen op grond van de artikelen 6 en 8 van de Opiumwet. Fabrikanten en groothandelaren hebben dit nodig om handelingen met lachgas te mogen verrichten. De kleine ampullen met lachgas die vooral in de horeca gebruikt worden voor o.a. slagroomspuiten blijven toegestaan, maar mogen niet doorverkocht worden aan derden. Met betrokken partijen wordt komende weken besproken wat de veranderingen per 1 januari 2023 voor hen betekenen en hoe daarmee om te gaan.

Bron: riskenbusiness.nl

Allianz Direct: Met geknepen billen achter het stuur: storm, regen en gladheid zorgen voor de meeste zenuwen

Onlangs is de wintertijd weer ingegaan en dus krijgen we te maken met donkere, natte en winderige dagen. Daarom kunnen we maar beter goed voorbereid zijn om ongelukken en spanningen in het verkeer te voorkomen. Uit recent onderzoek* van online verzekeraar Allianz Direct blijkt namelijk dat bijna de helft van de automobilisten (44%) de meeste zenuwen krijgt van rijden met slechte weersomstandigheden.

Brandende lampjes en onbekende omgeving zorgen voor stress
Naast barre omstandigheden als regen, storm en gladheid (en sneeuw in de winter) hebben Nederlanders vooral moeite met lampjes op het dashboard die opeens gaan branden. Dit zorgt bij veel mensen voor stress (35%). Opvallend is dat situaties als de hellingproef (7%), invoegen op de snelweg (7%) en een vrachtwagen inhalen (6%) juist als het minst spannend worden ervaren door automobilisten. De Nederlander lijkt dus voldoende vertrouwen te hebben in deze situaties.

Dit is de top 5** van situaties die de Nederlandse automobilist zenuwachtig maakt:

  1. Slechte weersomstandigheden (o.a. regen, sneeuw en gladheid) (44%)
  2. Lampjes die gaan branden op het dashboard (35%)
  3. Rijden in een drukke omgeving (24%)
  4. Rijden in een onbekende omgeving (22%)
  5. Moeilijke of onverwachte verkeerssituatie (22%)

Tips voor rijden met harde regen en gladheid
Aangezien we nog een hele winter voor de boeg hebben, is het belangrijk dat bestuurders weten waar zij op moeten letten in slechte weersomstandigheden. Met zware regenval is de kans op een ongeluk groter en ontstaan er sneller gevaarlijke situaties op de weg. Met onderstaande tips zit je veilig achter het stuur:

  1. Let op je snelheid en volg je voorganger
    Als het echt hard regent en je rijdt te snel, kan het voorkomen dat de autobanden het water niet meer weggewerkt krijgen en het contact met het wegdek verliezen, dit wordt aquaplaning genoemd. Om de kans op aquaplaning zo klein mogelijk te houden is het verstandig om in het spoor van de voorganger te blijven rijden en plassen op het wegdek te vermijden.
  2. Weet wat te doen bij aquaplaning
    Mocht de auto toch gaan aquaplanen, blijf dan rustig, laat het gaspedaal los en druk het rempedaal gelijkmatig in en stuur in de richting waar je heen slipt. Zo krijg je de auto weer rustig onder controle.
  3. Houd voldoende afstand en kijk vooruit
    Als het wegdek nat is, kan een remafstand twee of zelfs drie keer zo lang worden. De vuistregel is om je snelheid te halveren en de afstand tot je voorganger te verdubbelen. Blijf dus op z’n minst twee tot vier seconden achter de auto voor je. Op deze manier heb je meer tijd en ruimte om te reageren op onverwachte situaties. Zorg ook dat je altijd ver vooruitkijkt. Dan zie je het eerder als er een gevaarlijke situatie ontstaat en kun je daar dus ook eerder op reageren.
  4. Laat het gas los in plaats van remmen
    Kom je dicht bij een rood stoplicht of een bocht? Laat dan langzaam het gas los in plaats van te remmen. Als je remt op een gladde weg, kunnen je banden namelijk grip verliezen en daardoor slippen. Heb je net een bocht gemaakt? Duw je gaspedaal dan pas in als je weer recht rijdt. Als je gas geeft in een bocht heb je namelijk ook meer kans om te slippen.
  5. Vermijd cruise control
    Als laatste is het advies om niet met cruise control te rijden in slechte weersomstandigheden. Bestuurders kunnen met cruise control minder oplettend zijn. Dit heeft een negatieve invloed op de reactietijd, die in slecht weer juist van groot belang is.

Bron: riskenbusiness.nl

Jongeren lopen relatief groot risico op letsel door ongeval

Nederlandse jongeren lijken het risico op het krijgen van letsel door een ongeluk of ongeval in eigen land te onderschatten. Zij verwachten vanwege hun leeftijd en vaak goede gezondheid, minder zorg nodig hebben. Maar zij lopen relatief vaak letsel in eigen land op. Dat blijkt uit een onderzoek van MarketResponse in opdracht van Univé.

Jongeren kiezen vaak een zorgverzekering zonder aanvullende verzekering of juist met een verhoogd vrijwillig eigen risico. Als blijkt dat de gemaakte zorgkosten niet onder de gekozen dekking van de zorgverzekering valt, moeten zij dit zelf betalen. Hierdoor maken ze onnodige zorgkosten.

Driekwart van jongeren liep al eens letsel op

In het onderzoek blijkt dat ongeveer 2 op de 3 Nederlanders wel eens letsel heeft opgelopen bij een ongeval of ongeluk in Nederland. Onder jongeren (18-34 jaar) blijkt dat zelfs 3 op 4. Bijna een kwart van de jongeren geeft aan dat zij zelfs meerdere keren letsel opliepen in de afgelopen jaren.

Vooral botbreuken (35%), een gat of snee (35%) of tandschade (16%) komt relatief vaak voor bij jongeren. En het verkeer wordt vaak als oorzaak aangegeven. Zoals het vallen met een voertuig, bijvoorbeeld een fiets of scooter of een verkeersongeluk (25%).

Bovendien geeft twee derde van hen aan dat zij zelf zelf de voornaamste veroorzaker van het letsel  zijn. Ook geeft een meerderheid van deze jongeren aan dat dit letsel voorkomen had kunnen worden.

Goed voorbereid naar het buitenland

Slechts één op de vijf jongeren schat de kans om slachtoffer te worden van een ziekte of ongeval in Nederland in als (heel) groot. Voor Europa wordt die kans hetzelfde ingeschat. Maar buiten Europa schat de helft van de Nederlandse jongeren die kans in als (heel) groot.

Om letsel te voorkomen of beperken, bereidt de grote meerderheid (85%) van de Nederlandse jongeren zich voor op de reis naar het buitenland.

Zo controleert één op de drie of er (gezondheids)risico’s zijn in het land en checkt bijna de helft of het kraanwater veilig gedronken kan worden. Ook neemt een derde van de Nederlandse jongeren de benodigde inentingen. Bovendien controleert de helft van hen of en hoe zij verzekerd zijn, voor als zij ondanks de getroffen voorbereidingen letsel oplopen. Jongeren bereiden zich dus wel degelijk voor om letsel te voorkomen, mits zij een gepaste risico-inschatting maken

Een ongeluk zit in een klein hoekje

Dat jongeren hun kans op letsel door ziekte of ongeval in Nederland niet als (heel) groot zien, blijkt ook bij het afsluiten van de zorgverzekering. Uit data van Univé blijkt dat Nederlandse jongeren tussen 18 en 34 jaar relatief vaak een verhoogd vrijwillig eigen risico kiezen (12%). Waarbij 8% van de jongeren zelfs kiest voor het maximaal vrijwillig eigen risico van €885. Hierdoor daalt voor hen weliswaar de maandelijkse zorgpremie. Maar bij acuut letsel door een ongeval kan dat er toe leiden dat een fors bedrag aan zorgkosten in één keer betaald moet worden. Door niet te kiezen voor een vrijwillig eigen risico, blijven de zelf te betalen zorgkosten, bijvoorbeeld in het ziekenhuis, beperkt tot maximaal € 385.

Pech gehad?

De meerderheid van de jongeren die bij Univé verzekerd is, kiest daarnaast niet voor een aanvullende verzekering omdat zij denken geen zorg nodig te hebben. Pas als zij onverwacht letsel oplopen, wordt duidelijk met welke kosten zij te maken krijgen. Bijvoorbeeld de kosten van plaatsing van een kroon bij de tandarts na een val met de fiets. Vaak hebben zij die zorg niet verzekerd, waardoor jongeren forse zorgkosten voor hun kiezen krijgen.

Zorgpechpakket kan de oplossing zijn

Univé vindt het belangrijk om jongeren te helpen zorgkosten te beperken. Enerzijds met duidelijkheid over de gevolgen van het kiezen van een verhoogd vrijwillig eigen risico. Want wie hiermee kiest voor een lagere premie, moet zich ook realiseren dat hij het totale bedrag van € 885 beschikbaar moet hebben als er zorgkosten gemaakt worden. Voor deze doelgroep lanceert Univé in 2023 een zorgpechpakket. Jongeren kunnen voor een lage premie kiezen voor dit pakket waarmee onverwachte zorgkosten van letsel door een ongeluk of ongeval zoals tandzorg worden vergoed. Op deze manier stelt Univé jongeren zoveel mogelijk in staat om zich voor een klein bedrag te verzekeren tegen onverwachte en vaak hoge zorgkosten.

Bron: riskenbusiness.nl

Groot deel fietsers voelt zich onveilig binnen bebouwde kom

Uit onderzoek van de ANWB blijkt dat maar liefst 1 op de 5 fietsers zich binnen de bebouwde kom vaak onveilig voelt. Deelnemers van het onderzoek geven aan dat dit vooral wordt veroorzaakt door de toenemende drukte, snelheidsverschillen op en rond fietspaden en het gedrag van andere weggebruikers. 

Nederland fietst tegenwoordig meer dan ooit, waardoor het aantal ongevallen met fietsers helaas ook toeneemt. De ANWB maakt zich daarom zorgen, volgens hen moet fietsveiligheid een prioriteit zijn in alle gemeenten.

Verschil in snelheid op fietspaden

De ANWB heeft onderzoek gedaan onder 6000 fietsers. De respondenten is gevraagd naar fietsveiligheid in het algemeen binnen de bebouwde kom. Dat gemiddelde valt niet tegen: een 7,9. Desondanks geven ze aan dat de meerderheid zich vaak onveilig voelt. Dit komt volgens hen door auto’s, vrachtwagens en bussen met hoge snelheid langs fietsstroken rijden.

Uit antwoorden van “stadsfietsers” blijkt dat vooral zij vinden dat het verschil in snelheden op fietspaden te groot is. Elektrische fietsers geven aan hetzelfde probleem te hebben. De grootte en breedte van andere voertuigen op het fietspad hebben invloed op het veiligheidsgevoel. Daarnaast wordt afleiding door mobiele telefoongebruik en het ontbreken van richting aangeven genoemd als reden. Als oplossing om het te verbeteren geven zij het verbreden van fietspaden.

Kwaliteit en comfort van fietspad kan beter

Het comfort en de daarmee samenhangende veiligheid van de fietspaden kunnen volgens de onderzochte fietsers ook beter. Zij storen zich vooral aan te smalle paden en slechte kwaliteit van het wegdek door boomwortels die omhoogkomen, scheefliggende tegels en scheuren in het asfalt.

Om steden leefbaar en bereikbaar te houden is de fiets een onmisbaar vervoermiddel. Het gebruik van de fiets wordt dan ook volop gestimuleerd. De ANWB vindt dit een goede ontwikkeling, maar dan moet de veiligheid van de fietser ook een prioriteit zijn. De knelpunten die fietsers ervaren komen in dit onderzoek duidelijk naar voren. De ANWB gaat hier met gemeenten over in gesprek.

Bron: mobiliteitsplatform.nl

Veel ongelukken met scootmobielen: ‘gevaarlijkste vervoermiddel in het verkeer’

De scootmobiel en andere gehandicaptenvoertuigen zijn de gevaarlijkste vervoermiddelen in het verkeer. Gebruikers lopen veel meer risico op een dodelijk ongeluk dan bijvoorbeeld motorrijders en bromfietsers.Dat blijkt uit cijfers die minister Mark Harbers (Infrastructuur en Waterstaat) naar de Tweede Kamer heeft gestuurd na vragen van twee CDA-Kamerleden. Het aantal scootmobielrijders is volgens Harbers de afgelopen 20 jaar toegenomen.

Bij een vergelijking van het CBS tussen het aantal afgelegde kilometers van weggebruikers, zoals motorrijders, brom- en snorfietsers en fietsers, en het aantal ongelukken dat daarbij gebeurt, staat de scootmobielrijder bovenaan. In 2019 vielen er 42 verkeersdoden met een scootmobiel. In 2020 waren dat er 34 en in 2021 waren er 32 dodelijke ongelukken met scootmobielen.  Dat de aantallen in 2020 en 2021 lager uitvielen, komt omdat we door corona massaal minder mobiel waren

Dat de scootmobiel het gevaarlijkste vervoermiddel is, komt niet alleen door het toegenomen aantal gebruikers. Uit onderzoek van de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) bleek in 2018 al dat de nodige punten kunnen worden verbeterd, op gebied van het voertuig, de wegomgeving (kruispunten, stoepranden et cetera) en de rijder. ..

In het onderzoek Onderweg in Nederland van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) worden dodelijke slachtoffers afgezet tegen het aantal afgelegde kilometers. Uit die cijfers blijkt dat 274 gebruikers van scootmobielen en andere gehandicaptenvoertuigen sterven per miljard kilometer.Dat is vele malen hoger dan bijvoorbeeld motorrijders. Daar gaat het om 50 doden per miljard kilometer. Bij brom- en snorfietsers ligt dat aantal op 42, bij fietsers op 13 en bij voetgangers op 11. Het CBS meldt wel dat het werkelijke aantal doden per kilometers van de gehandicaptenvoertuigen wellicht lager ligt. Dat zou komen omdat er in werkelijkheid meer kilometers mee worden gereden dan waar het CBS rekening mee houdt.

Ondanks het grote risico dat scootmobielrijders lopen op een dodelijk ongeval wil minister Harbers hen niet verplichten een cursus te volgen voordat ze er gebruik van gaan maken. “Voor hen is een gehandicaptenvoertuig (zoals een scootmobiel) vaak de enige mogelijkheid om zelfstandig mobiel te kunnen zijn. Een verplichte cursus ligt dan ook niet voor de hand”, schrijft hij.

De minister benadrukt dat eigenaren van een scootmobiel een beoordeling van bekwaamheid van de gebruiker wordt uitgevoerd en één of meerdere rijlessen wordt aangeboden. Dat is het geval voor eigenaren die deze ontvangen via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Toch wil de minister een cursus niet verplichten: ,,Voor hen is een gehandicaptenvoertuig (zoals een scootmobiel) vaak de enige mogelijkheid om zelfstandig mobiel te kunnen zijn.”

Bron: riskenbusiness.nl

Nederlandse automobilist onderschat eigen gebruik telefoon achter het stuur;1 op 10 maakte weleens een (bijna) ongeluk mee door afleiding

87% van de Nederlanders geeft aan automobilisten te betrappen op het gebruik van de telefoon achter het stuur. Dit terwijl slechts 20% van de Nederlandse automobilisten erkent dit zelf te doen. Dat blijkt uit onderzoek van MarketResponse in opdracht van Univé. Ook het bedienen van de radio en navigatie zijn afleidend gedrag tijdens het autorijden. Meer dan de helft van de Nederlanders geeft aan dit weleens te doen achter het stuur. Ondanks dat dit mogelijk gevaarlijke situaties in het verkeer oplevert.

Van alle Nederlandse automobilisten geeft 80% aan weleens een gevaarlijke situatie te hebben meegemaakt doordat een andere weggebruiker was afgeleid en wat anders deed tijdens het rijden. Bijvoorbeeld roken, eten of drinken. Ondanks het gevaarlijke voorbeeldgedrag vertoont de helft van de Nederlanders ook nog steeds zelf gevaarlijk gedrag achter het stuur, doordat zij bezig waren met zaken die voor afleiding zorgen.

Afleiding

Ruim 1 op de 10 Nederlandse automobilisten maakte weleens een (bijna) ongeluk mee doordat zij zelf met andere dingen bezig waren achter het stuur en niet opletten. Zo besteedden zij tijdens het rijden aandacht aan de kinderen in de auto (19%), roken (17%) of persoonlijke verzorging (9%). Automobilisten die dit deden gaven aan dat dit gevaarlijke gedrag noodzakelijk was, dat zij de gevaren ervan niet zagen of omdat zij geen geduld hadden om het uit te stellen tot na de autorit. Dit terwijl de urgentie en mogelijke gevolgen duidelijk zijn, want uit onderzoek van SWOV blijkt dat bij 20 tot 30% van de verkeersongevallen afleiding of het gebrek aan aandacht van invloed is.

Veilig rijgedrag stimuleren

Omdat iedereen profiteert van veilig rijgedrag en minder ongelukken, stimuleert Univé veiligheid in het verkeer. Bijvoorbeeld met verkeersveiligheidstrainingen voor basisschoolkinderen. Maar ook met de Veilig op Weg functie in de Univé app. Johan Van den Neste, directeur Univé Schade, legt uit: “Met de Veilig op Weg App geven we gebruikers inzicht in het rijgedrag én het telefoongebruik. Elke rit krijgt een score, die goed rijgedrag beloont met een premiekorting op de autoverzekering tot 10%. Zo moedigen we hen aan om zo veilig mogelijk te rijden.”

Uit alle rijscores uit de Veilig op Weg tool blijkt dat dertigers drie keer zoveel hun telefoon gebruiken tijdens het rijden dan zestigers. De Univé Veilig op Weg tool maakt automobilisten bewust van hun rijgedrag en geeft tips hoe ze dat kunnen verbeteren. Met als doel veilig rijgedrag te stimuleren en de buurt veiliger te maken.

Bron: riskenbusiness.nl

Meer auto-ongelukken door herfstweer

Dichte mist en hevige regenval zorgden de afgelopen dagen voor lange files en ongelukken. Op oktober 2020 na – start gedeeltelijke lockdown -, nam het aantal geregistreerde ongevallen op de weg in oktober de afgelopen negen jaar toe.

Onderzoek laat zien dat automobilisten hun weggedrag aanpassen tijdens regenbuien. Ze halen minder in, rijden langzamer en minder dicht op elkaar. Toch ligt het risico op een ongeval bij regen hoger dan bij droog weer. De veranderingen in het rijgedrag zijn onvoldoende om het verhoogde risico tijdens regenval te compenseren. Zo kan bij hevige regenval het zicht teruglopen tot ongeveer 50 meter. Daarnaast leidt regen soms tot aquaplanning: door een laag water op het wegdek verliest het voertuig contact met de weg waardoor het kan gaan slippen.

Ook mist verhoogt het risico op een ongeval. Mist vermindert, net als regenval, het zichtveld. Mensen rijden over het algemeen langzamer tijdens mist, maar gaan tegelijkertijd dichter op hun voorligger rijden. In combinatie met het verminderde zichtveld vergroot dit de kans op ongevallen. Ook mist kan leiden tot aquaplanning wanneer de waterdruppels voor een filmlaag op het wegdek zorgen.

Bron: riskenbusiness.nl

ANWB geeft startsein Fietsverlichtingsactie ‘Zet je licht aan!’

Deze week (17 oktober) is in Tilburg het startsein gegeven voor de jaarlijkse Fietsverlichtingsactie ‘Zet je licht aan!’. Een team van ANWB-vrijwilligers gaat de komende weken op pad om op fietspaden in heel het land tags te plaatsen en zo aandacht te vragen voor het belang van fietsverlichting. Iedereen kan meehelpen.

De reden: fietsers zijn kwetsbaar in het verkeer

Bijna 67% van de Nederlandse jongeren kiest steeds vaker voor fietsen met licht. Da’s fijn, maar toch rijdt een derde van de jongeren onder de achttien jaar nog steeds zonder fietsverlichting. Met de actie wil de ANWB deze jongeren helpen herinneren dat fietsen mét fietsverlichting bijdraagt aan een veiligere deelname aan het verkeer. Juist kinderen en jongeren zijn kwetsbaar in het verkeer en zonder fietsverlichting lopen zij een grotere kans op een ongeval.

Zo’n 1000 politiebureaus in Nederland ondersteunen de actie. Jeugdagenten gaan in hun eigen wijk op pad om tags te zetten om buurtbewoners te helpen herinneren hun licht aan te zetten. Ook alle Swapfiets-locaties en honderden basisscholen zetten zich de komende weken ook in voor de ANWB-actie.

De ANWB roept iedereen op om ook mee te helpen en een tagpakket ‘Zet je licht aan!’ op te halen bij één van de ANWB-winkels. In het pakket zitten sjablonen en een spuitbus met spuitkrijt om te tags te kunnen plaatsen. Het tagpakket kan gebruikt worden rondom scholen, sportverenigingen of andere drukbezochte plekken.

De Fietsverlichtingsactie ‘Zet je licht aan!’ duurt tot 14 november. Doe je mee, dan maak je ook kans op een nieuwe fiets.

Bron: riskenbusiness.nl

Veel automobilisten voeren ook dagrijverlichting bij slecht zicht: ‘Ze weten niet dat hun achterlichten niet branden’

Op grond van Europese regelgeving is sinds 2011 dagrijverlichting verplicht op nieuwe auto’s. Zodra de auto wordt gestart, gaan aan de voorkant van de auto twee ledlampjes aan. Ze branden automatisch en ze zijn niet uitschakelbaar. Uit onderzoek blijkt dat dit de verkeersveiligheid verhoogt, omdat auto’s beter zichtbaar zijn. Maar een probleem is wel dat dagrijverlichting door veel automobilisten verkeerd wordt gebruikt, wat juist leidt tot onveilige situaties.

In de herfst worden de dagen korter en automobilisten moeten in het verkeer rekening houden met mist en regenachtige omstandigheden. Het voeren van goede verlichting is daarom essentieel. De ANWB constateert dat het vaak mis gaat, met name bij het gebruik van dagrijverlichting. “De dagrijverlichting wordt door bestuurders, vooral bij slecht zicht, verkeerd gebruikt.”

Wat gaat er mis?
Als je auto’s ziet rijden waarvan de lampen aan de voorkant branden maar aan de achterkant niet, komt dat door dagrijverlichting. Een woordvoerder van de ANWB: “Als het overdag mistig of regenachtig is, zie je auto’s met de dagrijverlichting aan rijden. Maar bij veel auto’s branden de achterlichten niet in combinatie met dagrijlichten. Dat komt de zichtbaarheid van deze weggebruikers bij slechte weersomstandigheden natuurlijk niet ten goede. Dagrijverlichting is in die omstandigheden niet de juiste verlichting. Dimlicht is dan de enige juiste verlichting en die is ook verplicht.“

Waarom voeren veel automobilisten dan toch dagrijverlichting? Dat komt volgens de ANWB meestal door onwetendheid. “Veel automobilisten zijn zich er niet van bewust dat bij dagrijverlichting de achterlichten bij veel auto’s niet branden. De dashboardverlichting brandt wél. Dan denk je als automobilist al gauw dat je koplampen én je achterverlichting branden.”

Onveilig!
Weggebruikers laten ook weten dat het op de weg niet altijd goed gaat met de verlichting, aldus De ANWB. “Op elke willekeurige mistige dag sturen tientallen mensen naar de ANWB, de politie en Veilig Verkeer Nederland tweets: “Er rijden auto’s rond zonder achterlichten. Dat is onveilig!” De ANWB zit met het onjuiste gebruik van deze nieuwe soort verlichting in z’n maag: “Voor ons is het een punt van zorg.”

In 2015 is de Europese regelgeving omtrent dagrijverlichting aangepast. Tot dat jaar was het niet toegestaan dat op auto’s ook de achterlichten overdag automatisch inschakelen. Na de regelwijziging mag dit wel. Maar, de keus hiervoor is aan de fabrikant. Daarom is het probleem nog lang niet opgelost.

Veilig rijden bij slecht zicht
Wat betreft de verbetering van de verkeersveiligheid is er volgens de ANWB een simpele oplossing, ongeacht het type auto dat je bestuurt. “Is het overdag mistig, regent of sneeuwt het? Zet je dimlichten aan. Want in het donker en bij slecht zicht overdag moet je de dimlichten voeren.”

Bron: Letselschade.nu